Hulp van boven

Iemand heeft geprobeerd me via video calling te bellen. Dat in combinatie met 4 uur zoeken naar slaapplaats gisteren avond is de wifi nu definitief op.

Kreeg hulp van buiten
Moeite met offline bestaan
Nu wifi vrij door... 😌


Betekent dat ik nu andere prioriteiten stel… plaats dus nog wat minder geregeld.

Tja… loslaten… lol!

 

3 voor de prijs van 1…

23 september
De gevonden parkeerplaats blijkt een prachtige locatie voor het zien van een zonsopkomst. Ik probeer in de avonden wakker te blijven door te schrijven en te lezen. Met wisselende mate van mislukking. Het wordt om 6 uur donker. Om 8 uur wil mijn hoofd eigenlijk slapen. Om 9 uur geef ik de worsteling om wakker te blijven meestal op. Soms lukt 10 uur. Het troost me dat ik niet de enige ben. Veel van de mede-parkeerplaatsbewoners beginnen met het poetsen der tanden om 8 uur. Wakker worden is wat mij betreft een stuk makkelijker. Ergens tussen 4 en 6. Ook daarin ben ik niet de enige. Meestal is iedereen om 6 uur wel uit de veren.
Het vroeg opstaan maakt dat ik meestal vroeg ben op mijn eerste ontdek je plekje. Deze dag eerst een uur gereden. Ben er om 8 uur. Het is de Kenroku-en zen tuin in Kanazawa.
Ondanks dat ik zo vroeg ben zijn er best al veel andere toeristen. Er zijn ook 2 tuin mensen aan het werk. Een man en een vrouw. De paden worden fanatiek geharkt. Krrrrr krrr krrrr. Met een ouderwetse bamboe hark. Elk verdwaalde naaldboomnaald wordt gespot en verwijderd. Zou het stressvol werk zijn? Iets van argh weer een blaadje verdwaald? Of juist super rustgevend?
In de perken staan bomen verspreid alsof ze spontaan zo zijn opgekomen maar toch mooi verdeeld. Hier en daar een mooie rotspartij of losse steen. De grond is bedekt met mos. Ik ben dol op mos; het is zacht, mooi van kleur en met een beetje fantasie kan je een heel oerwoud zien in een klein stukje. Inclusief allerlei bewoners natuurlijk. Merk toch dat ik nog weer een extra soort herwaardering voor mossen krijg. Neem me voor thuis m’n terras nooit meer van mos te ontdoen. Vind het leuk hoeveel gelijkenis er ook in de diversiteit aan planten is. Veel herkenning van planten uit Nederlandse tuinen. Afgewisseld met allerlei exotische soorten, dat dan weer wel.
Om 10 over 10 aan gekomen bij het museum voor contemporary art. Het is om 10 uur open gegaan en er staat een werkelijk enorme rij. Ik sluit me aan. Na 5 minuten nog geen beweging gooi ik het plan om. Eerst maar koffie met een taartje. Weer gekeken maar nog geen verbetering dus begeef ik me naar het Suzuki museum. Een zeer strak modern gebouw. Het is een museum over zen en heeft niets met het automerk te maken. Dhr Suzuki werd eind 19e eeuw geboren en blijkt een rol gespeeld te hebben in de kennismaking van het westen met zen.
In het kader van de hoogste uitzondering neem ik een audiotour mee. Ik loop een lange gang door met halverwege een glazen uitbouw richting strak aangelegde tuin. Als ik bij de eerste kamer ben en klaar sta voor het eerste portret druk ik op knopje 1. Ik snap niet wat de mevrouw bedoelt. De vriendelijke heer die wacht houdt in de eerste kamer legt het me uit. Ik begin dus weer vooraan nog voor de gang. Hoezo zen rust denk ik… loop nog steeds te snel.
Het is een mooie tour. Niet lang maar met uitleg waarom er geen bordjes hangen bij de diverse tentoongestelde werken. Een uitnodiging om zelf te denken. De tweede kamer is de studeerkamer met daarbij boeken en een simpel bloemstuk. Ik pak een briefje en het potlood dat erbij ligt. Het schrijft fijn. Ik kijk naar het merk. Mitsubishi pencil lees ik. Te mooi om niet een foto van te maken.

Een zen museum
Suzuki’s filosofie
Mitsubishi schrijft

Dan de tuin in aan de achterkant. Een enorme 2 cm diepe waterpartij die spiegelt. Om de paar minuten een bubbel met uitdovende golfjes. Had eerder bedacht dat mijn paniekvlagen minder hevig zijn en sneller uitdoven. Past mooi bij dit beeld.
Iets verderop raak ik aan de klets met Onur. Jongeman uit Turkije maar nu sinds een jaar in Tokyo. Bachelor architectuur met nu een trainingsplek in Japan. Dan komt er een mevrouw met een roze helliumballon de hoek om. En nog één… en nog één… dan een man met roze ballon en dan blijkt er een onuitputtelijke voorraad te zijn. Denk zo’n 60. Overweeg even te wachten tot de menselijke slang zich door het museum heeft geslingerd maar ga toch voor de herkansing van het museum voor moderne kunst. De rij wel iets gekrompen maar niet veel. Tja… dan toch maar een mindful momentje. Hoe is het om in een lange rij te staan? Na 25 minuten sluit Onur achter aan. Ik stel voor dat ik 2 kaartjes haal. Gezellige gast. Sommige kunstwerken vind ik vernieuwend maar een deel ook niet de naam kunst waard. Eén kamer is vol gemaakt met blokken van samen geperst papier. Het vormt een soort doolhof. Lijkt me dat die blokken een goede isolatiewaarde zullen hebben. Ze zouden beter voor de huizenbouw gebruikt kunnen worden….
De middag rijd ik nog weer een uurtje verder. Na een onsen bad is het heerlijk slapen op een drukbezette parkeerplaats. Blijkt dat daar ook een Onsen is. Had ik dat geweten… Bedenk dat het wel een mooie plek is om 2 of 3 nachtjes te blijven.

De volgende ochtend bekijk ik wat er te doen is in de omgeving. Een tempel, een kasteel bij een leuk plaatsje en een opgraving. Gezien het doel van mijn reis lijkt bezoek aan de tempel mij wel een goed begin. Vroeg wakker en dus vroeg op pad. Als ik aankom bij een van de parkeerplaatsen is deze leeg op één andere auto na. De overige tig parkeerplaatsen zijn ook nagenoeg leeg. Hemel wat een hoeveelheid parkeerplaatsen. Dat zegt vast iets over de hoeveelheid bezoekers… Het is dan ook een beroemde plek om een training te kunnen volgen. Het was iets wat ik voor vertrek had overwogen. Bedacht dat een retraite ook prima in eigen achtertuin kan in plaats van in Japan. En het leek me een beetje een vlucht van mijn eigen reisplan. Nu blij met die wijsheid. Rust zoeken tussen drommen toeristen kan ik ook zo oefenen…
Voor het bovenste gebouw van het tempelcomplex is een zentuin. Een mooie plek om te mediteren lijkt me. Een mooi uitzicht. Eén van mijn favoriete meditatiepraatjes die ik heb mee genomen heet : don’t try to be mindfull. Ik moet denken aan wat de man zegt. What is it like to see?
Op het moment dat ik genietend van het uitzicht dát denk lijkt de wereld ineens meer driedimensionaal dan ervoor. De diverse lagen in het uitzicht vallen meer op. Overigens heeft hij het in dat praatje ook over een Total Internal Shit-storm. Een mooi woord vind ik dat. Fijn herkenbaar ook. En een leuker woord dan paniekaanval.
In een van de zalen is een ceremonie gaande. Het is een prachtige zaal in het midden van een groot gebouw. De houten palen zijn enorm. De hoeveelheid gebedsplaatjes ook. En de 5 (!) gouden kroonluchters zijn ook wel aardig… Onder die gouden hemel zitten 2 rijen van monniken. In het midden nog een monnik en een monnik die het gewaad van de voorste iets optrekt als deze wil gaan zitten.
Aan het eind van de rechter rij een monnik bij de gong en aan de linker kant een monnik bij een houten blok. In het midden van dit afgeronde blok zit een holte met een spleet tot aan de buitenkant. Het doet me denken aan een kikker. Het blijkt een instrument om een maat aan te geven.
Als de gong heeft geluid begint de man met een grote stok er gelijkmatig op te slaan. De monniken reciteren. Eéntje heeft een spiekbriefje. Begrijpelijk. Het duurt lang en is aaneen geweven. Wanneer ze ademen is me volslagen onduidelijk. Na een hele poos onverstaanbare klanken een abrupt einde alsof een ballon leegloopt.
Het is 10 uur geworden en beredruk. Het lijkt me een goed moment om door te trekken.
Op naar het kasteel een mooie route door groene bossen afgewisseld met dorpjes en rijstvelden. Het kasteel is een replica. Mooi gemaakt en door de locatie op de berg een prachtig uitzicht.

Zweven door de lucht
Een arend, aanval door kraai
Blijkt toch op de vlucht.

In het naastgelegen dorpje is alles dicht. Op mijn zwerftocht door de straatjes kom ik een klein oud vrouwtje tegen. Ik schat haar een jaar of 80 maar waarschijnlijk is die schatting niet betrouwbaar. Als ze mij ziet gooit ze haar armen in de lucht en zegt iets. Ik denk “wat ben jij GROOT’. Ze kijkt een beetje verbaasd. Wijst naar mijn borst en naar haar hoofd en scharrelt naar me toe. Met haar hoofd bijna tegen mijn borst meet ze en knikt en kwebbelt. Dan buigt ze voorover een raakt mijn grote tenen aan en de tenen ernaast. Ze zegt van alles en lacht. Misschien passen haar voeten wel in mijn tenen volgens haar. Ze vertelt me nog meer. Dat ik er geen chocolade van kan maken maakt haar niets uit. Ze is duidelijk in haar sasje. Ikzelf ben dat ook maar dan natuurlijk wel in mijn SAS…. We nemen afscheid en scharrelen allebei door. Mooi momentje.

Van nietig gevoel
Door natuurschoon alom
Veranderd in reus

Doorgereden naar de opgraving ben ik mild teleurgesteld. In een veld zijn stenen te zien. Netjes bijna ondergewerkt in een veld van asfalt. Haalt de romantiek wel wat weg. Er zwemmen wel enorme Koi karpers in de gracht er om heen.. Een jongetje geeft mij wat voer zodat ik ook wat kan geven. Wát een aardige mensen toch hier.
Er staat ook een prachtige Acer beginnend te verkleuren. Het lijkt me wel leuk om thuis een bonsai projectje te beginnen dus neem een zaadje mee. Vermoed dat ik er na mijn trip niets mee zal doen maar in het kader van leven in het nu geniet ik van de vondst. Moet gniffelen. Ben door broerlief wel eens beschuldigd van enige hoarding. Op het moment voel ik me inderdaad een kleine hamster. Ik sleep van alles mee in mijn holletje. H e e r l i j k gevoel van vergaren. De gewichtsbeperking van mijn bagage dwingt me te zijner tijd wel weer tot loslaten.
In dat kader laat ik wel weer iets anders los. Het plan om te blijven op de plek van gisteravond. Inmiddels weer zo’n 50 kilometer naar het zuiden dus vind dat zonde om heen een weer te rijden. Toch al gauw zo’n 2 uur.
Wel eerst weer zoeken naar een nabij gelegen Onsen. De mooiste zover. Midden in de bossen met een buitenbad met uitzicht op een zen tuin met daaromheen enorme bomen. Zo’n Japans badhuis is een beleving op zich. Ze noemen het samen zijn daar naakte vriendschap. Weer zo’n mooie term. Het is bijna een soort religieus ritueel van reinigen en schrobben voor je het bad in mag. Gezellig met zijn allen op een rijtje. Geloof dat ik in mijn leven nog niet zo schoon ben geweest. Na deze reis toch weer frequenter sauna bezoek. Al dan niet met naakte vriendschappen.

Samen blootstaan aan
De golven van het leven
Een naakte waarheid

De dag eindig ik op een parkeerplaats in een dorp. Dit keer maar één andere camper. En heel veel personen auto’s en ontmoetingen van bestuurders. Veel buigingen ook.

Wakker door enthousiaste regen. Eerst toch nog even een keer mijn mail checken. Mijn nieuwe huisgenoot is 23 en komt het eerste weekend na mijn reis logeren. En ik heb weer een mooie haiku gekregen van lieve buurvriendin Suzanne:

Is confrontatie
hetzelfde als bezinnen
of combinatie?

Eentje om onderweg op te kauwen.
Langs een prachtige baai. Als ik 5 minuten moet zoeken naar de route met motor uit en licht aan blijkt mijn accu leeg. Zegt vast wat over de levensduur van de accu. Fijn begin van de dag zo om half 9. Na wat telefonisch contact weet ik waar de startkabels liggen. Mijn hulpeloze blik doet wonderen… Ik krijg hulp van een super aardige jongeman. Een zak dropjes als dank en ik rijd door naar het zuiden.

Richting Kyoto. Een idyllisch dal iets ten noorden lijkt me een mooie bestemming.
Tot dat ik er aankom. Van gewone huis-tuin en keuken toerist terstond bevorderd tot ramptoerist. Wat een ravage heeft de Tyfoon hier aan gericht. Enorme bomen geknapt als lucifers, elektriciteitspalen die liggen. Als ik een kans zie keer ik en vertrek weer.
De dag vordert aardig. Dan maar verder gebruiken voor praktische zaken in Kyoto. Wasje gedraaid en naar de garage om de olie te laten verversen in opdracht van het verhuurbedrijf. Het heeft aardig wat voeten in aarde.
Geeft me mooi de tijd de afgelopen dagen en vandaag voor mezelf door te lopen en beschrijven.
Een belangrijk inzicht van vandaag is de noodzaak voor contact met mensen de me lief zijn. Familie, vrienden, bevriende collega’s en buren. Het houd me geestelijk gezond. Tot een bepaalde hoogte dan toch in elk geval….
Ooit eerder een maand in Rusland geweest. Bedacht me dat dat dit jaar 20 jaar geleden is geweest. Het heeft mij en denk ik ook mijn levensloop erg beïnvloed. Denk dat dat naast de toen gespannen situatie daar ook vooral lag aan het gebrek aan contact met thuis. In tegenstelling tot nu zo voelde ik me afgesneden van alles en iedereen. Een gevaarlijk gevoel.
Nog meer voeten in aarde. Op moment dat zij klaar zeggen te zijn en mij weg laten rijden doet de motor raar. Ik laat de mecanicien er in rijden. Hortend en stotend met hevige walmen uit de knalpijp. Tijd voor verder onderzoek.
De conclusie van het nadenken over de haiku en mijmeren over het verleden is dat het heden me daarmee confronteert en hoeveel inzicht me dat geeft. Het maakt dat ik weer bewuster ben van wat voor mij belangrijke waarden en behoeften zijn.

Kleurenpracht

De dag begonnen met schelpjes zoeken op het strand. Een prachtige verzameling gevonden. Eéntje uitgekozen om mee te nemen. Ik zoek ze al zolang ik me kan herinneren. Drie wekflessen vol lijkt me wel genoeg. Een goede oefening in loslaten.

Daarna richting centrum van Takaoka gereden om te kijken of er ondanks de 3 feestdagen wat te doen is. Super rustig op straat maar er bleek wel een soort festivalletje te zijn. Een deel van de stad is opnieuw opgebouwd in oude stijl met rijstpapieren wanden en tatami matten. Erg mooi maar niet bijzonder isolerend lijkt me. Aan echte verwarming doen ze hier niet. Een oliekacheltje wordt gebruikt om de kamer waar ze op dat moment verblijven te verwarmen. Nu met 23 graden geen punt maar heb toch ook echt veel foto’s gezien met manshoge sneeuw. Hoger in de bergen is het systeem niet anders. Dan te bedenken dat ik het nu al koud heb gehad. Heb overigens nog geen winkel gezien waar dekens worden verkocht. En zie ik ook veel huizen van golfplaat…

Takaoka is bekend om het bronsgieten en het maken van belletjes. In een van de huizen is een werkplaats. Ik neem één belletje mee als souvenir. Het schijnt dat je minimaliseren kunt leren. Ik moet de cursus maar eens doen. Dit is souvenir nummer 5. Even ter verdediging van mezelf: ik heb al veel meer laten liggen dan mee genomen… En eentje is een prachtig handgemaakt vegertje waarmee ik elke dag mijn thuisje kuis. Elke dag? Ja elke dag! Maar goed. Ook al de nodige pre-venirs bij elkaar thuis als onderdeel van de voorpret. Waarvan overigens ook een groot deel gekregen! Waarvoor dank Jheroen, Twan, Ellen, Mieke en Hanneke!

In de gerenoveerde buurt was een parade van jonge dames in Kimono’s. Schatte zo rond de 16-17. Op de traditionele manier gekleed lopen ze één voor één naar een rood matje van 50x50cm. Op dat podiumpje doen ze allemaal een andere dans, elk met een ander attribuut. Een lantaarn, een parasol, een draai molentje etc. etc. Mooi om te zien.

Er is een horde fotografen aanwezig. Er worden heel wat plaatjes geschoten. Wat me doet denken aan de diverse bordjes in de musea. Meestal no pictures met een icoontje erbij maar ook :

Omdat ik het speuren naar een slaapplek toch het moeilijkst vind had ik mezelf vanavond een camping beloofd. Voor 2 of 3 nachtjes. Met veel tijd om schelpjes te zoeken (en los te laten), flaneren langs het strand. Lekker luieren en wat lezen. Nu eens daadwerkelijk wat maken van de verzamelde materialen. Het liep anders.

Camping als zelfzorg
Liep anders dan ‘k verwachtte
Door Camperverbod… 😂

Dus… Doorgereden naar de volgende optie. Gelukkig lukte het dit keer wel bij de tweede keer. Inmiddels ben ik wel aan het toe groeien naar wat rebellie en wildkamperen waar nodig. Maar straks eerst hier lekker slapen. Mijn bedje is reeds opgemaakt.

Makake’s!

In plaats van vertrek om 6.32 eerst een weeklijks contact momentje met Karlijn. Besef me hoe fijn ik dat altijd vind. En hoe gezegend ik daar mee ben. Het uitstellen van vertrek meer dan waard. Maar dan komt het er toch van. Het regent. Blij met het besluit om nu door te reizen. Wie weet beter weer aan de andere kant van de berg keten. Dit besluit betekend wel dat ik dingen oversla die een ‘must see’ zijn volgens de lonely planet. Ik bedenk me dat ik helemaal niets moet. Niets van wat de lonely planet vindt . Maar ook niets van wat ik zelf bedacht heb.

Zijn zonder weten
Niets doen omdat het zo moet
Vrijheid van leven.

Het eerste stuk weg leidt door een woonwijk. Werkelijk alle tuinen hebben in modelgeknipte bomen en een bladloos en onkruid loze bodem. Op 1 na. Die heeft zowaar meer kweek gras groeien dan ik in mijn tuin. Toch fijn.

Na wat bochten links en rechts kom ik op de Nipon Alps Salad road. Een frisse mixed salad. Ik heb er zin in.
Iets verder op zie ik een ienimini meisje. Rose rugzak om, petje op, roze maillot onder een beige broekje. Blauwe sokjes piepen uit haar witte gympjes. Ze draagt een bijkleurende paraplu. Schat dat ze hoogstens 5 is. Ze stapt stevig door. Gellukig springt het stoplicht op rood. Het geeft me de tijd alles rustig te bekijken. Dan zie ik meer jong grut. Allemaal dezelfde rugzak, alleen de kleuren verschillen. Sommige hebben een praktisch regen hoesje erover heem. Die zijn allemaal geel. Ze stromen samen naar het zebra pad. Aan de overkant komen van alle kanten kindertjes aan. Op mijn navigatie zie ik dat daar een basis school ligt. Het is 5 voor 8.

Verder op rijd ik langs een parkeer plaats vol met bussen. Op de zijkanten lees ik Highland Express. Zelf doe ik het express rustig aan. De afstand voor vandaag 138km. Verwachtte duur 3,5 uur. Mooi denk ik. Met dit weer en deze uitzichten houd ik het nog wel even vol in mijn aller eigenste busje.

Ik kom bij een lange tunnel. Ik schud wat heen en weer door het wegdek. Of door een aardbeving. Wie zal het zeggen.

De weg slingert omhoog. Overal zijn watervalletjes en watervallen. Samen stromend in een woest kolkende rivier. Ergens halverwege de klim omhoog stop ik om beter te kunnen kijken. Er staat een man een sigaretje te roken. Beneden in de rivier staat zijn vriend te vissen. Hij laat de forelletjes voor de lunch van die dag zien. En vraagt me of ik alleen reis. Op mijn bevestigende antwoord zegt hij “ courageous”. Grappig vind ik dat. Het is de zoveelste Japanner die precies dat woord gebruikt. Lijkt wel of dat een van de eerste woorden is die ze leren op school.

Wat verder op weer een reeks haarspeld bochten. Tel er 12 op de kaart. Ben blij dat ik niemand tegenkom. Op stukken van het wegdek zijn verzakkingen te zien aan de zijkant. Fijn om dan toch gewoon even rechts te kunnen rijden. “Make a u-turn” hoor ik. Ze meent het vast. Gelukkig dit keer niet naar een minder begaanbare weg.
Bijna boven aan gekomen zie ik wat liggen midden op de weg. Het blijkt een luierende Makake aap te zijn. Iets verder op zijm er nog meer. Ze zitten elkaar uitgebreid te vlooien. Eentje heeft een lege drank fles beet. Begrijpelijk vind ik. Dit soort wegen maakt dorstig.

Lees verder “Makake’s!”

Kronkelende rivieren en kastelen

Na het opstaan maak ik me klaar voor vertrek. Eén van de moeilijkste punten van deze reis. Ik vind het moeilijk om los te laten wat ik inmiddels een klein beetje ken. Zoeken van een plek die goed genoeg voelt om te overnachten. Wetend dat dat soms lastig is. Op weg naar de afval bak zie ik een spoor van natte afdrukken op de weg. Het zal mijn levendige fantasie wel zijn maar volgens mij zijn het pootafdrukken van een beer. Bewijslast:


Zo stralend als het gisteren was zo bewolkt is het vandaag. Lekker blijven en wandelen toch ook niet echt een optie. Matsuoto is de volgende plek op de kaart. 83 kilometer verderop. Google maps geeft aan 2 uur en 19 minuten. Ook een alternatieve route met zelfde ETA. Besluit die te nemen omdat die wat meer door de bergen loopt. Lijkt me wel mooi.
Head south… Head south east… Make a u-turn. Zegt de mevrouw. Ik doe niet anders, denk ik. De ene haarspeld bocht na de andere. Zij raakt duidelijk ook een beetje de kluts kwijt. Iets verderop blijkt dat ze het meende van die u-turn. Ik keer om en zoek naar de weg die ze bedoelt. Dan herken ik het. Middenin groeien weelderige graspollen. Naast de afbrokkelende weg een soort van afgrond. Ik moet denken aan de google route per auto van Nederland naar Japan. Left turn, right turn than park your car and swim across the ocean. Dit voelt een beetje van dezelfde haalbaarheid. Dus toch via de originele route naar Matsuoto.
83 kilometer in 2,5 uur is best vlot. Grappig vind ik. 50 kilometer per uur is een goede snelheid. 40 vaak beter en 30 ook prima. Bij elk stopbord stop ik ook echt even. Net als voor elke spoorwegovergang. Zo zijn hier de regels. Elk stopmomentje geniet ik van mijn eigen gehoorzaamheid. Benieuwd hoe lang ik deze rustige rijstijl volhoud als ik straks terug ben.

De verkeersregels
Worden keurig nageleefd
Japan maakt gedwee

Het is een mooie route. Door het afdalen zie ik overal weer rijstvelden. Soms een postzegelformaatje langs de weg of tussen 2 huizen. Soms grote velden naast elkaar. Een gedeelte is al geoogst en veranderd in een stoppel veldje. De drogende aren hangen op rekken aan de bovenkant beschermd met blauw zeil… een mooi gezicht al die blauwe lijnen door het landschap naast de gele velden.

Dan zie ik een stuwdam. Het water spuit er met enorm geweld doorheen. Wat een krachten zullen daarmee worden opgewekt. Het meer achter de dam heeft een waanzinnige kleur. Een soort melkglas groen. Iets verderop blijkt het meer gevoed te worden door een rivier met dezelfde kleur. De weg kronkelt mee langs het stromende water. Ik rij stroomopwaarts en geniet. Een mintgroene brug steekt de rivier over. Past goed bij sommige van de opslagschuren. Een mooie vorm hebben die gebouwtjes ook. Ze zijn rond van boven met in het midden een subtiel soort hanenkam.

In Matsuoto parkeer ik vlakbij het parkje waarin een kasteel ligt. Ik bekijk het plakkaat met de schematische weergave. Picture taking point lees ik. Toch handig om te weten waar je moet zijn.

Het weerhoudt me niet om ook andere foto’s te maken. Ik bied een stel aan om een foto van hen samen te maken. “Zullen we dat ook voor jou doen?” vragen ze. En dan “ wauw… Die kleuren. Waanzinnig effect. De lijnen komen zo veel mooier uit”. Ik leg ze wat uit over de beginreden. Minder verslavend etc. Werkt het? Uhmmm… nou… dat weet ik niet zo zeker. Wel dat ik inderdaad heel anders naar de compositie kijk als ik nu een foto maak. Sommige foto’s vind ik bijna mooier dan het echte beeld. Een leuke toevoeging dus.

Voor de lunch stuur ik de Kendamaspeler een appje. Of hij zin heeft mee te eten. Ik had een grappig tentje gezien. Er voor een mooi houten bankje met de daarop een geschilderde kat en het woord bench. Het blijkt een goede keus. Zalig gegeten. Tijdens de lunch is het gaan regenen. We krijgen een paraplu mee van de vrouw. Laat ik daar nu al de hele reis over nadenken. Het leven zonder paraplu/parasol lijkt hier bijna onmogelijk, overal liggen/hangen/staan ze al dan niet in speciale rekken. Soms zelfs met slot. Ik heb er nog geen durven meenemen als permanente bruikleen voor gedurende mijn tijd hier. Dat dilemma hoeft nu dus ook niet meer opgelost.

We bezoeken het City museum for art. Een groot stuk is ingericht met kunst van Kusama. Spiegelende kamers met eindeloze reflecties. Het is één van Japans meest beroemde kunstenaars. Geboren in 1929 en nog steeds actief. Ze woont sinds lange tijd in een psychiatrisch ziekenhuis. Een bijzondere vrouw met een aparte levensloop. Op een portret foto kijkt ze recht de lens in met een volkomen emotieloos gezicht. Een keurig rechte bobline en een rechte ponnie zorgen voor een felrode vierkant aftekening van geverfd haar.

In een ander deel van het museum hangen wat schilderijen van Europese landschappen. Bij prachtige, treffende teksten in het Engels. Mijn favoriet:

Even if the trees are the same as in Europe they are softer in Japan.

En zo is het.

Na het museum geef ik Rod een lift naar zijn huis. Een kopje thee en afscheid. Misschien tot morgen?

Eerst maar eens op zoek naar een slaapplek. Vertrek behoorlijk op tijd om niet in het donker aan te komen. De eerste plek is midden in het open veld. Niemand anders te zien. De andere 2 zijn onbereikbaar als je niet op de tolweg rijdt. Anderhalf uur later in het donker kom ik aan op de plek waar ik nu dit lig te schrijven.

Het verschil met de paniek die ik de eerste zoektochten voelde is dat ik er nu wel rustig onder blijf. Ook rijden in het donker ben ik al wat aan gewend. Zelfs op kleine kronkel weggetjes. Voor het slapen gaan poets ik mijn tanden in het toiletgebouwtje. Er hangt een poster met de foto van een man. Er bij een prijs. De rest kan ik niet lezen. Zou het een gezochte crimineel zijn? De kans dat hij rond loopt zo dichtbij zijn ‘wanted’ poster lijkt me niet zo groot. Ik voel me nog steeds veilig genoeg om gerust te gaan slapen.

Wel bedenk ik me dat ik een plan moet maken om niet te vaak zo lang te hoeven zoeken. Deel daarvan is op tijd vertrekken. Het is 6.32. Het regent. Ik ga door naar de volgende stad.

Beren op de weg

Dat lekker slapen valt wat tegen. Word om 23.57 gebeld. Een nummer uit Deventer. Ik neem niet op. Merk wel dat ik het koud heb. Zo koud dat slapen wat lastiger gaat. Als ik weer wakker word door de kou besluit ik kort de verwarming aan te zetten. Als ik net wat weg doezel hoor ik een bons op mijn bus. En dan nog een paar. Er loopt iemand met zaklamp om mijn stulpje heen. Ik doe de kachel uit. Vermoed dat het daar wat mee te maken heeft. Hij stommelt nog wat rond. Klopt op mijn bus. Ik doe mij deur open en zeg op mijn nederigst sorry. Gomennasai. De boze Japanner draait zich om en loopt weg. Achter hem zie ik een kraakheldere sterrenhemel. Verklaart gelijk waarom het zo koud is. Vond het een spannend momentje.

Het is 4 uur ’s nachts. Nu dus én koud én adrenaline. Geen echte verbetering. Na wat appcontact check ik mijn mail. De vraag van TakeCareB&B of een Oeigoerse jongen bij mij kan wonen beantwoord ik bevestigend. Na mijn reis dus straks weer een huisgenoot. Ben benieuwd. Dan een hernieuwde slaappoging. Gelukt! Om 7 uur word ik wakker. Van de zon op de bus. Mooi begin van mijn dag.

Gisteren een berenbelletje gekocht na het zien van al die waarschuwingen. Daarnaast besluit ik mijn berenspray mee te nemen. Eerlijkheid gebied me te zeggen dat ik die niet mee had genomen als bescherming tegen beren maar goed. De Japanse mannen geven tot nu toe nooit een onprettig gevoel dus daarvoor heb ik het zeker niet nodig.

Spanning voor de reis
Wat ik ook op de weg zag
Geen beren in ‘t wild

De route loopt door berkenbos met super veel stroompjes. P r a c h t i g. Het is twee en een half uur lopen naar de tempel. Ik loop helemaal alleen. Kom niemand tegen. Ook geen beer. Stiekem ook wel weer jammer.

Wandeling door ’t bos
Nog geen teken van herfst… tóch
Eén boom doet het voor

Op de trap naar de tempel kom ik een bijzonder koppel tegen. Een man voorop en achter hem een vrouw. Bij elke beweging die hij maakt volgt zij op ongeveer een meter afstand. Beide hebben een kaalgeschoren hoofd.
Hij gaat volledig in het wit gekleed. Zijn broek poft net onder de knie. Om zijn kuiten zit de broek vastgebonden. Hij draagt een oranje riem en diverse goudkleurige ornamenten.
De vrouw is gekleed in het zwart met een rode riem met een dolk erachter gestoken. De man kijkt terug maar als ik groet zegt hij niets terug. De man naast me groet hem ook. Die groet wordt wel beantwoord. Hij keek wel steeds van het pad op, terug naar mij. Misschien had ik mijn blik neer moeten slaan maar dat bedenk ik me te laat. Ze zijn zó indrukwekkend. Ik vermoed dat het een bijzonder bezoek is. Voor de zekerheid neem ik maar geen foto. Die dolk draagt ze vast niet voor niets.
Als ze doorlopen kijk ik ze nog lang na. Op haar rug draagt ze een rugzak van Nike.

Indrukwekkend paar
Exotisch gekleed met dan 
Wonderlijk detail

Dan zie ik een vrouw.
WHUAAA
HAAAHAHA
HAHAHHA
WHUAHAHA
Lees ik op haar tas. Moet er van gniffelen. Omdat ik vermoed dat ze dus ook Engels spreekt geef ik een complimentje. Ze vertelt dat ze sinds een maand weer in Japan woont na 20 jaar in Frankrijk. Haar dochter studeert in Maastricht. Wel bijzonder want ze is de tweede in 2 dagen met een band met Nederland. De dame bij de receptie had van haar 1e tot haar 14e in Nederland gewoond. Voor mijn vertrek op reis leek het wel of half Nederland al in Japan was geweest of er familie had. Anders om nu ook.

Ayumi had me uitgelegd hoe je kan bidden bij een tempel. Je gooit een beetje geld in een box, buigt twee keer, klapt 2 keer, doet je gebedje en buigt een laatste keer. Ik vind het wel een mooi ritueel dus doe mee. Baadt het niet, schaadt het vast ook niet denk ik. Veel kost het me in elk geval niet. Gooi 10 muntjes van één Yen in de kist. Prijzen hier deel ik door honderd om het bedrag naar euro’s om te rekenen. En dat is ruim gerekend.

Met een omweg via een meer beroemd om de weerspiegelingen van de bergen. En dus vol met toeristen voor de verplichte plaatjes. Ook ik kan de verleiding niet weer staan. Ondertussen hoor ik ze kletsen.

Niets verstaan ook fijn
Zo hoor ik veel. Versta slechts
Eigen gedachten

Ik kom uit bij het Ninja huis. Het blijkt een soort van doolhof. Er rennen een stuk of 10 kinderen rond op zoek naar de uitgang. Bij hen hoort één volwassen heer. Muren schuiven opzij of draaien rond. Ergens in het huis is een stukje trap naar beneden te zien. Er moet dus echt een uitgang zijn maar waar… Niet in de schuine kamer met de vloer als een glijbaan. Inmiddels zijn er twee gevangenen bij gekomen. Ook hen kom ik meerdere keren tegen, kloppend, duwend, trekkend. Met een beetje berekend geluk en de moed der wanhoop trek ik aan een grote zware kandelaar. De muur verschuift. Ik haal de rest van de gevangenen op. Dan weer een kamer waar de kinderen opgesloten zitten. Zou de uitgang hier onder de stookplaats zitten? Warempel… Ze steken nog weer even hun hoofd boven de vloer uit. Arigato, dankjewel. Bij de volgende kamer vinden zij de uitgang. Ze vergeten alleen in hun enthousiasme de kleinste mee te nemen. Die durft niet verder. Als ik haar gebaar mij een hand te geven wijst ze boven mijn hoofd. Een tiental vervaarlijk uitziende spiesen. Als ze ziet dat ik niet echt schrik durft ze met me mee. Blij dat dit een spel is. Vrees dat ik in het echt de adrenaline niet had overleefd. Om over die spiesen nog maar te zwijgen natuurlijk.

Het was mijn eerste dag offline. Behoudens de nachtelijke afleiding dan. En een geruststellingsappje voor mijn moeder. Tja… écht offline zijn valt nog niet mee. Merk dat ik ook steeds wissel van gedachte. Geniet het ene moment van het experiment. Baal het andere dat het nog niet hard gaat met uploaden van de foto’s. Toch onbeperkt wifi regelen? Of toch niet? Troost mezelf, en anders jou misschien, met de gedachte dat het toch vaak anders genieten is van andermans vakantiekiekjes.

Geen haiku wel foto’s!

’s Morgens vroeg wakker. Deels door de koude maar het viel me mee. Gezien de hoogte, het seizoen en de wat karige hoeveelheid deken en slaapzak. Dit alles voorzien door het camperbedrijf. Een volgende keer toch eigen slaapzak mee neem ik me voor.

Het is een mooie dag. Tijd om de dichtbijgelegen tempels te bezoeken. Het is nog vroeg dus ben er als een van de eerste. Het is mistig. Geeft de toegangspoort een extra mystiek tintje.
Het kantoortje waar normaal de boekjes worden bijgewerkt is nog dicht, straks nog maar eens kijken. Eerst wat verder rondsnuffelen. Er staat een bord met een schematische foto van de nabij gelegen tempels. Er zijn er 5 in totaal in dit gebiedje. Besluit op pad te gaan richting de verste tempel. Het eerste stuk van de wandeling leidt langs wat huizen en een winkel gericht op de bezoekers. Verderop begint het pad door het bos. Het ruikt lekker.

Onderweg kom ik een jongen tegen. Hij is halfzijdig verlamd. Met behulp van een kruk en veel geduld werkt hij zich het pad op. Soms hoor ik hem zuchten. Wat een held.

In het bos groeit een onwaarschijnlijke hoeveelheid verschillende paddenstoelen. De raarste kleuren ook. Sommigen spierwit, anderen fel oranje. En ook een soort turquoise kleurig stukje hout met daarop 2 inimini kleine paddenstoeltjes.
Ik snap wel waarom de Japanse keuken zoveel paddenstoelen gebruikt. Hoe zouden ze hebben ontdekt welke wel of niet eetbaar zijn? Moet een avontuurlijke ontdekkingstocht zijn geweest.

De tempel bevindt zich bovenaan een steile trap. Aan de zijkanten staan enorm hoge seqoias. Erg indrukwekkend. Van één boom in dit gebied wordt gezegd dat die meer dan 700 jaar oud is. Welke is me volslagen onduidelijk. Bij alle tempels staan tot nu toe reuzen van bomen. Verschillende met een touw er om heen en gebedsbriefjes.

Op de terugweg kom ik langs een Sopa tentje. Het is een lokale pasta gemaakt van boekweit. Voor het tentje raak ik aan de praat met een Japans echtpaar. Hij vertelt over hun bezoek aan Europa. Een korte trip met tig steden. En over een week in Parijs. Daar heeft hij zijn onderzoek mogen presenteren. Over antibioticaresistentie. We hebben het over geluiden van de natuur. Dat het me was opgevallen dat er hier wel vogelgeluiden zijn. Ja zegt hij. Hoor maar, hier hoor je zelfs een specht. En warempel trrrrrrrrr. Toevallig.

Omdat ik nog geen mail van Naomi heb ontvangen vraag ik opnieuw om hulp. Hij belt haar en noteert haar email en adres. En vertelt me dan dat ze in een tempel woont. Waar het eerst een beetje als sociale verplichting voelde word ik nu meer nieuwsgierig.

Na de koffie een toiletbezoekje. Omdat ik het huis daarvoor verder in moet moeten mijn schoenen uit. Als ik terugkom hoor ik weer de specht. Maar uhm…kwam dat niet uit de cd speler? Ja dus. Wel opgenomen door de restauranteigenaar zelf. Dus.

Teruggekomen bij de eerste tempel is het kalligrafeerkantoortje open. In Tokyo heb ik bij het eerste tempel bezoek een boekje aangeschaft. Het heeft een oranje kaftje met draken erop. Watashi wa Orandajin des. Ik ben Nederlandse. Vind het Oranje wel een mooie kleur. Bij alle tempels is een kantoortje waar je voor 300 yen een aantekening kan laten maken. Het leek me een mooie combinatie van financiële bijdrage en een prachtig souvenir.

Er staat een rijtje van vijf mensen. Het duurt lang. Mooi wat tijd om te mijmeren. Waar de meeste kantoortjes meerdere mensen hebben die diverse taken hebben wordt alles hier gedaan door één oudere heer met een rank brilletje op. Na een poosje krijgt mijn voorganger haar boekje en ben ik aan de beurt. De man rekt zich uit. Ik vraag me af hoe oud hij is. Schat zo een jaar of 70. Hij neemt mijn boekje en het geld aan. Na me wisselgeld te hebben gegeven gaat hij aan het werk. Zittend op een bureaustoel. Zijn voeten rusten op een kussentje. Eerst maakt hij met een dikke kwast mooie zwarte halen. Dan met een kleiner kwastje nog wat andere tekens erbij. De zon breekt door. Ook op zijn voeten valt licht. Als je dit toch elke dag doet. Ook in de winter. De knokkels van zijn handen zijn knokig. Vraag me af of ze soms ontstoken zijn. Hij gaat onverstoord verder. Drie stempels met rode inkt worden met aandacht gezet. Dan is het klaar. Hij legt er een vloeipapiertje tussen en overhandigt me het boekje. Met 2 handen tegelijk. Een mooi gebaar vind ik. Ook geld wordt hier op die manier overhandigd. Een teken van respect.

Ik doe wat boodschapjes en na een onsenbezoek houd ik het voor gezien wat ontdekken betreft. Mijn camper parkeer ik naast de beek. Een prachtig plekje maar na een tijdje merk ik dat ik wel opvallend vaak moet plassen. Besluit dus toch te verkassen. Dan belt mijn broertje. Tja zegt ie. Als dat je grootste probleem is op het moment dan valt het allemaal wel mee. Wijze man is het toch.

Daarna bel ik even kort mijn ouders. Ik vertel over mijn plan de volgende morgen te gaan wandelen. Mijn moeder schrikt als ik vertel over beren hier in de buurt. Zij waren net in Yellostone park geweest met veel waarschuwingsborden. Mijn vader relativeert. De kans dat je in Amerika wordt doodgeschoten is 1000 maal groter dan dat je wordt aangevallen door een beer. Goed punt. Ik vraag me toch af hoe die statistiek hier is.

  1. Maar dat is morgen pas. Eerst lekker slapen.

Rust daalt in

Houtje touwtje huis
Door and’re ogen gezien
Wabi sabi pracht.

Zie een hornaar nest 
Gebeten door een mugje
Voelt als slangen beet

Na wat gewenning
Is alleen niet meer eenzaam
‘k voel me verbonden

Dank voor jullie mee lezen en leven. Komende paar dagen even offline.

Ik sta naast een beek op een camping. Pracht plek voor wat bezinning. ❤

Uitgerust geeft moed

Na een goede nacht slaap wakker met een verdrietig gevoel. Ik ging er al wel vanuit dat ik mezelf geregeld tegen zou komen, maar had gehoopt dat het vaker zou worden afgewisseld met het tegenkomen van anderen. Na het nodige doorleven, om maaar niet te zegggen zwelgen, en wat mooie woorden van mensen die me lief zijn kom ik in actie. Mediteer eerst en voel dat het wat zakt. Wat heb ik nodig om me beter te voelen? Eerst maar eens de boel kuisen. Gisteren gezwicht voor de aanblik van een klein vegertje, gemaakt van rijststengels vermoed ik. Het komt goed uit. Het “matras” heb ik omgedraaid in de hoop dat die kant wat minder belegen is.

Verdriet mag er zijn
Rustige acceptatie
Geeft weer goede zin

Dan zoek ik uit waar ik nu eigenlijk ben beland op mijn vlucht. Het blijkt in Obuse te zijn. Nou had ik dát gisteren wel gezien maar toen wist ik nog niet dat het een leuk stadje is met welgeteld 5 musea.
Ik ga op pad door het park. Er blijkt een evenement gaande te zijn. Een volslagen nieuwe wereld, die van de ‘slack rope’ als ik de naam goed onthouden heb. Een soort koorddansen maar dan voor gevorderden. De jongens en meisjes laten zich er op vallen, stuiteren terug, doen een salto, dan een twister en stuiteren zo door. Het lijkt me niet allemaal even comfortabel als ik het zo bekijk maar ze zien er wel uit alsof ze zich vermaken. Ik kijk mijn ogen uit.

De volgende nieuwe uit de kluiten gewassen hobby ontdek ik als ik aan de klets raak met Rod. Een Canadees die sinds 4 dagen in Japan is met een werkvisum van een jaar. En dat om zijn Kendama kunsten te vertonen en de Kendama te verkopen vermoed ik zo. Een Kendama ziet er uit als een soort Japans poppetje. Het hoofd zit los van de romp maar vast met een touwtje. En je kan er allemaal trucjes mee doen. En daar kan je dus je brood mee verdienen. Grappige ontdekking. Nu ik me toch bezin overweeg ik gelijk een carrièreswitch en schaf er een aan. Handige verkoper die gast. Ben gevallen voor het ontwerp van zijn maat Kota.

Op bezinningsreis
Door toevalligheid ontstaat
Een ontdekkingsreis

Kota helpt me en passant nog met 2 andere praktische vragen. Wat de dame in mijn busje me toch elke keer vertelt als ik ga rijden. En hij belt met Naomi. De Japanse dame die voor me zong in de kerk. Ze heeft me bij haar thuis uitgenodigd maar er zijn communicatieproblemen. Met als gevolg dat ik niet weet waar dat huis staat. Die ochtend spreek ik met haar dochter die wel Engels spreekt af dat ze me het adres mailt. In de loop van de middag belt Naomi weer als ik midden in een haarspeldbocht zit. Waarschijnlijk toch niet gelukt dus. Heb wel een vermoeden waar het is, dus nog de tijd om weer andere pogingen te ondernemen.

Uiteindelijk kom ik bij het eerste museum aan. Het Hokusai museum. Het is een prachtige tentoonstelling over houtstempelkunst, gemaakt door de man die Van Gogh, Manet en anderen inspireerde. De aanrichter van het Japonisme laat ik me vertellen door de Nederlandse kenner. Het is een mooi gemaakte documentaire. Vermoed dat iedereen zijn werk wel eens heeft gezien. Een feestelijk cadeautje. Ook om te ontdekken dat ik toch weer kan genieten van kunst. Zo lang het maar niet meer gepaard gaat met oeverloos verdwalen.

Door goede nachtrust,
Toeval, en tijd om te zien
Toch nog kunstminnaar

Nu ben ik aangeland op een camping bij Togakushi. Kyomi stuurde me een bezoek aan het altaar hier na als tip. Het is een prachtige bosrijke omgeving. De eerste blaadjes zijn aan het verkleuren. Nu al mooi. Ik ben dol op de herfst. De camping ligt nog een stuk de berg op. En zo hoog als het hier is, zo daalt de temperatuur. Het is nu om half 8 ’s avonds 12 graden buiten. Lekker fris dus na het plakkerige weer. Zonet mijn bed toch weer omgehusseld tot hopelijk warme cocon. En anders hoop ik dat de verwarming het doet vannacht… Mocht dat zo zijn dan blijf ik hier denk ik een dag of 2.

Kampvuurtjes knappen
Mossige geur, blad verkleurd
Genieten is groots

Kronkels

Vanmorgen weer vroeg wakker. Zelfde stek als vorige nachten, dus lekker vertrouwd. Naast me wederom autogeluiden. Na het mediteren aangekleed en de blinderingen opgehesen. De onsen is nog niet open. Helaas voor de man naast me, maar hij maakt handig gebruik van zijn tijd. De auto is nat en hij poets hem schoon in draaiende cirkels. Ik moet denken aan mister Miyagi en bedenk dat hij vast ook goed is in karate. Moet gniffelen. Dicht ze nog al wat magische dingen toe de Japanse medemens. Gisteren zag ik toch ook een mindere kant. Zo rustig als ze kunnen wachten in rijen bij het openbaar vervoer zo venijnig pikken ze parkeer plaatsen in. Tja… dus toch ook gewone mensen. Een geruststellende gedachte.

Na de waterflessen te hebben gevuld ga ik op pad. Na het zien van al zoveel kunst van wat wisselende mate van indrukwekkendheid merk ik dat mijn animo wat is gezakt. Nog voor het ontbijt ben ik al weer meerdere keren verdwaald. Niet de beste dag tot nu toe.
Na heel wat omwegen, dapper doorzoeken en pitstops

Blaas verzoekt dwingend
Plas gedaan in ’t open veld 
Opgelucht verder

Is daar dan toch het eerste kunstwerk. Het maakt geen indruk. Dusdanig weinig zelfs dat ik nu niet eens meer weet wat het was. Ik besluit dat ik in de loop van de middag het gebied verlaten wil hebben. Nagano het volgende plan om te bekijken. Op de kaart zie ik nog een aantal kunstwerken welke ik op mijn vluchtroute toch nog wil zien.

Eén blijkt een museum te zijn van een environmentalplanner/kunstenaar. Hij heeft een poster gemaakt over Earth Day. In 1970 wel te verstaan. Op een video zijn diverse manifestaties te zien die hij in de jaren 60 heeft bijgewoond. Ze gaan over de milieuproblemen, de vervuiling, het gebruik van plastic. De poster had de afgelopen week wel gemaakt kunnen zijn (foto ’s volgen). Een ander is een verzameling plastic maskers. En daarnaast nog veel werken over landverschuivingen en overstromingen. Het zal ook wel aan mijn bui liggen maar het maakt dat ik nog wat melancholischer word. Wat is mijn aandeel hierin? En wat kan ik er zelf in veranderen? En hoeveel nut heeft dat als ik het plasticgebruik van 100 miljoen Japanners bekijk?
Het is me de laatste dagen opgevallen hoe enorm veel afval ik hier produceer. Bij het eten krijg je handdoekjes in plastic. Disposable stokjes van hout maar in plastic. Veel is per stuk verpakt in een andere verpakking. Plastic tasjes bij de supermarkt. Misschien valt het wel meer op omdat mijn mobiele thuisje sneller dicht groeit. Maar ook het watergebruik in de onsen valt me op. Waarschijnlijk omdat we zo gemoedelijk bloot naast elkaar zitten te schrobben valt het meer op. Maakt me wel weer meer bewust in elk geval. Nu nog een plan van aanpak hoe ik mijn gedrag wil aanpassen….

Onderweg naar het volgende kunstwerk moet ik even kijken op de kaart. Naast de weg zit een oude dame en haar hondje. Strohoed op. Rustig te kijken. Ik vermoed dat ze op iemand wacht. Ondanks mijn verdwaal preventie poging raak ik toch weer de weg kwijt en keer op mijn schreden terug. Ik zie dat zij in dat kwartier 100 meter is opgeschoven. Misschien wachtte ze helemaal niet op iemand maar was ze gewoon haar hondje aan het uitlaten.

Ik raak het verdwalen echt spuugzat en zet googlemaps aan. “Drive straight” zegt de mevrouw nogal streng. Amehoela, denk ik, nog geen recht stuk weg gezien. Waar komt dat trouwens vandaan… amehoela… toch eens opzoeken.

Besef me hoe blij ik ben met mijn rijervaring in de bergen. En met mijn vaders advies te sturen als een formule 1 rijder. Doorgeven, nooit over pakken. Op het laatste stuk de bergen uit komt het bijzonder goed van pas. Het is een inimini weggetje vol haarspeldbochten. Ergens halverwege staat er een soort hek half over de weg. De tekens zeggen me niets. Omdat er net een Aziatisch uitziende tegenligger langs me is gekropen denk ik het toch te kunnen negeren. Een stuk verder op is de andere kant van de wegversperring. Een stuk duidelijker, maar goed. Heb het toch al naar de overkant gehaald. Nu terugkeren betekent dus 2 keer wat stoms te doen. Ik besluit door te rijden.

Er volgt een klein dorpje wat vastgeplakt ligt aan een smal stuk bocht. Er zijn een stuk of 5 oudere mensen aan het werk. De één voorovergebogen, de ander zittend op de grond. Eén heeft benen zo krom als een hoepel. Allemaal hebben ze een opvallend kromme rug. Moet denken aan de nieuwe afwijking de Gameboy spine, waarbij de rug krom groeit door de verkeerde houding tijdens het spelen. Zullen ze nu allemaal een Gameboy hebben?

Aan het einde van deze eindeloze weg een laatste kunstwerk. Daar kom ik James weer tegen. Een jongeman uit Hong Kong. De vorige keer al een grappig gesprek en nu weer. Hij vertelt me dat de werken morgen ook nog te zien zijn dus als ik nog zin heb… ugh nee merk ik. De kunst-kijk-koek is voor mij nu echt even op. Hij gaat samen met vrienden de komende weken de rijst oogsten. Ik merk dat ik het zo fijn vind om even gemakkelijk Engels te spreken dat ik in de verleiding kom voor te stellen dat ik wel mee wil helpen met de rijst oogsten. Het moet niet gekker worden… Wel wisselen we telefoonnummers uit. Volgend jaar familiebezoek bij neef Laurens denk ik. Wil zijn verloofde wel ontmoeten en zijn boerderij zien. Wie weet ooit..

Ik ben moe. Merk dat ik het lastig vind om beslissingen te nemen. Krijg een mild paniekgevoel. Het gevoel wordt enthousiaster en straks ook nog donker. Ik neem wat te eten en prik een punt op de kaart. Daar ga ik slapen. Op een nieuwe plek. Zouden er meer mensen zijn?

Het is een half uurtje rijden. Bij aankomst is het nog net licht. De boerenmarkt wordt ingepakt. Ik zie 2 meisjes die kennelijk stokstaartjes als huisdier hebben. En de camper naast me heeft 2 hondjes. Ik doe gewoon net of het waakhonden zijn. Ze willen mij vast ook wel een beetje bewaken.

Nu nog een plan maken voor morgen. Hier op deze parkeerplaats lokt niet. Maar wat dan wel?
Ik ga zo eerst slapen. Het is nog geen acht uur. Maar dan is deze dag in elk geval weer voorbij.